Eau de Vie

Eau-de-vie (Frans voor levenswater) is een verzamelnaam voor allerlei sterke alcoholische dranken, die worden gemaakt van vergiste en daarna (dubbel) gedistilleerde vruchten. Zo zijn Armagnac, Cognac en Brandy de Jerez eaux-de-vie-de-vin en is Calvados eau-de-vie-de-cidre. In dit kader gaat het echter alleen over de superbe distillaten uit de Elzas van fruit als peren, kersen, pruimen en frambozen: eaux-de-vie-de-fruits. Al in de Middeleeuwen maakten Franse en Zwitserse monniken eau-de-vie. De kleur van een eau-de-vie is helder als water, want eaux-de-vie worden nooit op eikenhouten fusten gelagerd, omdat men juist de frisheid en het aroma van het fruit wil bewaren, worden ze dus zo snel mogelijk gebotteld. De drank is tussen de 37,5% en 45% ABV. Eau-de-vie stamt af van het Latijnse aqua vitae. Het Deense Akvavit is daar ook een verbastering van, net als het Iers-Gaelische Uisge Beatha en het SchotsGaelische Usquebaugh, waar het woord whisky van is afgeleid. De bekendste eau-de-vie is de Poire Williams (de originele uit het Rhônedal in het Zwitserse kanton Valais, AOC sinds 2001). Soms wordt hij nog verkocht met een peer in de fles, waardoor hij ook wel een Poire Prisonière wordt genoemd. Er zijn 28 kilo peren nodig om één liter Poire te maken, 18 kilo kersen of gele pruimen voor een liter Kirsch of Mirabelle en 8 kilo frambozen voor een liter Framboise. Overigens worden er in andere landen ook eaux-de-vie gemaakt, bijvoorbeeld Duitse Obstler, Hongaarse Palinka en de Slivovic uit diverse Balkanlanden. Eau-de-vie wordt in PretZels zoals het volgens Bert hoort op kamertemperatuur geserveerd in een cognacglas.